Waterkwaliteit

 
Nano Marinus densitometer (areometer)

Meten van de dichtheid

De dichtheid is maatgevend voor het juiste zoutgehalte en daarmee de belangrijkste waarde van het zeewater. Zeedieren reageren zeer gevoelig op lagere of hogere zoutgehaltes en kortdurende schommelingen in de dichtheid.

 

Zo meet u correct:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  • De droge, schone densitometer met droge handen aan de punt vastpakken en in het water dompelen tot hij uit zichzelf drijft.
  • De densitometer moet vrij ronddrijven.
  • Er mogen geen luchtbelletjes op de densitometer zitten, omdat deze de meetresultaten vertekenen.
  • De waarde op de schaalverdeling ter hoogte van het wateroppervlak aflezen (niet boven bij het "watervliesje", dat op de densitometer omhoog kruipt!)

 

Dosering en bereik

40 g (= 1 volle doseerlepel) Nano Marinus Reef Salt per liter resulteert in zout water met een dichtheid van 1,023 bij 25°C.”

Dat resulteert in een bereik van 1 kg voor 25 l zout water.

Zeewater mengen

Gebruik voor het mengen van zeewater indien mogelijk zuiver water als basis. Het beste is water uit een installatie voor omgekeerde osmose of gedestilleerd water. Leidingwater kunt u alleen gebruiken als het gegarandeerd geen schadelijke stoffen bevat (koper, nitraat, fosfaat, enz.). Het water mag bij het mengen niet te koud zijn, ongeveer op kamertemperatuur, zodat er later op de wand van de emmer geen kalkaanslag ontstaan. U kunt het vooraf het beste een nacht lang in een normaal verwarmde kamer laten staan.

40 g resp. 1 doseerlepel Nano Marinus Reef Salt per liter water produceert een ideale dichtheid van ca. 1,023 (bij 25°C). Zodra alle zoutbestanddelen zijn opgelost en het water helder is, kan het water worden gebruikt. Vooraf moet de dichtheid echter altijd met een densitometer worden gecontroleerd. Bij een te lage dichtheid wordt nog wat zout toegevoegd, bij een te hoge dichtheid wat water.
Doe zeezout nooit rechtstreeks in het aquarium!

Informatie over bereik

Zoutwateraquaria met het accent op het houden van vissen, worden normaal gesproken gehouden met een dichtheid van 1,020-1,022, omdat de “osmotische stress” voor de vissen bij een lager zoutgehalte geringer is. De verpakkingsaanduiding bij gangbare zoutsoorten hebben meestal betrekking op het voor deze dichtheid vereiste (lagere) zoutgehalte: 1 kg voor 30 l zout water.
Koralen, kreeftachtigen en andere ongewervelden voelen zich echter beter bij een wat hoger zoutgehalte. Ook de mineraalvoorziening is hier beter (calcium, magnesium, enz.). Omdat nano-zeewateraquariums bij voorkeur voor het houden van koralen en ongewervelden geschikt zijn en op grond van hun kleine afmeting minder voor vissen, raadt Dennerle een ideale dichtheid van 1,023 aan. Bij deze dichtheid is 1 kg zeezout voldoende voor 25 l zout water.

Praktijktip

Zeezout is hygroscopisch – het trekt snel vocht uit de lucht aan. Daardoor klontert het of wordt het bij een hoge luchtvochtigheid zelfs “vloeibaar”. De zak moet daarom na gebruik direct weer luchtdicht worden afgesloten. Daarvoor is bijv. een clipsluiting geschikt, zoals die voor het afsluiten van diepvrieszakken worden gebruikt. Het is echter nog beter en veiliger het zeezout in een luchtdicht sluitende bus van kunststof te bewaren.